Een gebed
‘Calling to the Present all that I am….’ Iemand vertelde hoe hij elke dag wel om minstens 15 dingen kon bidden. Ik dacht: ik bid eigenlijk nooit meer. Maar is dat zo?
Mijn vader was ouderling in de Gereformeerde kerk. Hij ging op huisbezoek bij mensen en ik ging als kind wel eens mee. We hebben het over de jaren 50 in de vorige eeuw. Ik kan me het als een scene in mijn hoofd herinneren, niet zozeer de inhoud van wat er werd gezegd, maar de sfeer en de toon.
Ik zie hoe er met elkaar wordt gepraat, mijn vader belangstellend naar de situatie van de ander. Ik zie hoe mijn vader uit de Bijbel voorleest en hoe hij voorgaat in gebed. Ik hoor hoe hij naar goede toepasselijke woorden zoekt, met daaronder een duidelijk aanwezige ervaring en routinematigheid, hulp en advies vragend voor gezondheid, welzijn en het 'rechte pad'. Nu zou het me doen denken aan Jehova-getuigen.
Als kind al voelde ik hoe ik afstand nam. Ik maakte het mee, maar het raakte me niet. Ik kende de gebedsroutine van mijn vader. Aan tafel was er altijd het Onze Vader en na het eten ‘Wij danken u van harte, van nooddruft en van overvloed…..’ Mijn dochter kent het nog uit haar hoofd. Toen hij oud was, struikelde hij wel eens over de woorden, zijn tong liep vast in de routine en dan nam ik het over.
Altijd was er die grondhouding van zondigheid, nietigheid, machteloosheid, schaarste, gebrek, donkerte…. En dan bid je natuurlijk om het tegenovergestelde.
Toen ik in mijn eigen leven ontdekte dat die grondhouding niet helemaal klopte, waarom moest je dan nog bidden?
‘Calling to the Present all that I am…’
Het is opvallend hoe die kerkelijke grondhouding in mijn jeugd mij niet heeft verblind. Dat is voor een deel te verklaren door de tijdgeest van de jaren zestig, die uitnodigde om in je persoonlijke kracht te gaan staan. Maar achteraf zie ik ook de dubbele boodschap die ik kreeg van mijn ouders. Daarin zat ook iets van: ‘ga ervoor, je kunt het….!’ Er was wel degelijk de aanmoediging tot een persoonlijke ambitie, ook als vrouw, en het zicht op een kans van slagen. Binnen onze (grote) familie waren er genoeg voorbeelden.
Dubbele boodschappen kunnen aan je knagen en dat heeft het bij mij ook zeker gedaan. Maar ik zag ook de openingen naar een ruimere spiritualiteit, die steeds meer handen en voeten kreeg in mijn dagelijks leven. Wat doet dat met een gebed? Hoe ziet dat er dan uit?
In mijn hoofd zit nog steeds de idee dat ik niet iemand ben die bidt. Maar dan is er in het jaar 2003 ‘opeens’ die liedtekst:
Calling to the present all that I am
from past and future, from far away
calling to the present, I pray
and so it is, AMEN
Coming out to be all that I am
in light and darkness, my own chosen way
coming out to be, I pray
and so it is, AMEN
Being awake all that I am
there is a dream, passing my way
being awake, I pray
and so it is, AMEN
In the middle of creation all that I am
I’m spinning the web, day by day
in the middle of creation, I pray
and so it is, AMEN
Entering silence all that I am
on holy ground, along the ocean way
entering silence, I pray
and so it is, AMEN
Meeting the stars all that I am
through the centre of the universe, there is a way
meeting the stars, I pray
and so it is, AMEN
Calling for love all that I am
I am truth, I am my way
calling for love, I pray,
and so it is, AMEN
Het gebed als een oproep aan mijn wakkere wezen. De timing is ook mooi. In het jaar 2004 ben ik 52 jaar oud. Volgens de Maya-kalender heb je dan een volle levenscyclus doorlopen. Je hebt dan elke combinatie van 20 zegels en 13 tonen eenmaal ervaren en je staat aan het begin van een nieuwe cyclus.
In mijn leven kantelde heel veel: mijn dochter volwassen en op het punt het huis uit te gaan (leeg nest) en er dreigde ontslag in mijn werk. In die tijd deed ik de opleiding tot loopbaanadviseur. Aan alle kanten was er de vraag: ‘hoe houden we de spirit er in?’
De enige manier om dat te doen is wakker te zijn in het heden.
Calling to the present all that I am!
In het boek van Barbara Hand Clow herken ik het meteen in haar beschrijving van de achtste dimensie. Het gaat om manifesteren in het volle Licht van mens-zijn: ‘Let the light find you, as you find the light in yourself.’
En in de openings-meditatie bij de negende dimensie herken ik bijna 1 op 1 mijn gebed:
Calling to the present all that I am….’
Ik heb de tekst op de homepage van mijn website gezet.
Het lijkt me broodnodig in deze tijd.
En dan is er altijd nog het gebed van de Navaho:
May I see beauty before me
May I leave beauty behind
May I recognize beauty on my right and
May I recognize beauty on my left
May I receive beauty from the “as above”
May I receive beauty from the “so below”
May I walk in beauty today
In de AOW









